Nederland heeft veel om trots op te zijn. Waarschijnlijk denkt u aan Willem van Oranje, Willem Drees, of misschien ‘onze’ Johan Cruijff. Maar onderzoek van Trouw van begin 2026 laat iets anders zien. Sport en geschiedenis werden als categorieën slechts door 3 procent van de ondervraagden genoemd. Welke categorieën stonden dan wel in de top drie? Dat waren vrijheid, economie en politiek systeem, met elk een score van 21 procent of hoger. Dit zijn uiteraard wel veelomvattende categorieën. Maar wat verwondering oproept is dat ons politiek systeem zo hoog scoort.
Want je kunt niet zeggen dat ons politiek systeem floreert. Allereerst zijn onze regeringen uiterst instabiel. Acht van de negen kabinetten sinds 2000 zijn voortijdig gevallen. Ten tweede is het vertrouwen in de politiek ook niet voorbeeldig. Cijfers van het CBS laten zien dat dit vertrouwen over in de afgelopen 10 jaar minder dan 50 procent is. Lees verder in de column van Paul van Lange en ontdek hoe splinterpartijen en de aandacht voor kleine incidenten ervoor zorgen dat de grote maatschappelijke vraagstukken naar de achtergrond verdwijnen. Hij concludeert dat regeren niet alleen vooruitzien is. In een democratie is het ook belangrijk dat een regering de burgers tijdig informeert, vooral over grote maatschappelijke vraagstukken zoals voorbereidingen op internationaal conflict of de dreiging en mogelijkheden van kunstmatige intelligentie.